Nieuw-Solidaristisch Alternatief!

Het identitair en revolutionair verzet! – Weg van de Wetstraat, op naar de Volksstaat!

De Vlaktaks: anti-solidaristisch!

Posted by drietand op 16 oktober, 2007

Sinds geruime tijd wordt het idee van de ‘Vlaktaks’ (flat tax) regelmatig opgerakeld in de media. Het idee om dit liberaal principe in de fiscaliteit in te voeren heeft de wind in de zeilen. Als solidaristen, sociaal-nationalisten, moeten we dit principe ten stelligste bestrijden. De reden is eenvoudig en duidelijk: de Vlaktaks is niet in overeenstemming te brengen met het basisprincipe van het solidaristisch, volksnationaal denken: dat de sterkste schouders in de volksgemeenschap ook de zwaarste lasten dragen omdat de gemeenschap er over dient te waken dat de zwakkere, de door de natuur of het lot misdeelde, de zieke,… niet het slachtoffer wordt van zijn mindere kansen of mogelijkheden. Voor ons dient de gemeenschap gebaseerd te zijn op een dienende samenwerking en solidariteit van allen, jong en oud, van alle geledingen, beroepen, standen,… welke in een volksgemeenschap leven en werken.

Wat is de Vlaktaks?

De Vlaktaks komt neer op de invoering van één belastingtarief, ongeacht het inkomen, en afschaffing van de aftrekposten: een proportioneel belastingstelsel. Het huidige belastingstelsel daarentegen is progressief. Het betekent dat er verschillende tarieven bestaan voor de personenbelasting, variërend volgens de hoogte van het inkomen. Bijvoorbeeld, voor de 10% armste gezinnen bedraagt de huidige aanslagvoet ongeveer 0,5% en dit loopt geleidelijk op tot bijna 31% voor de 10% rijkste gezinnen. De welvaart van de gezinnen en de overheidsinkomsten zijn bij de Vlaktaks nog afhankelijk van de hoogte van een eventuele belastingvrije som en het tarief van de Vlaktaks. Voorstanders stellen de Vlaktaks voor als een middel om de (para)fiscale druk op de lonen te doen dalen. De redenen die voorstanders van de invoering van de Vlaktaks aanhalen: minder fraude, minder administratie, meer economische groei waardoor extra jobcreatie.

In een solidaristische visie op belastingen dienen we uit te gaan van het principe dat de sterkste schouders in een volksgemeenschap ook de zwaarste lasten dragen. Bijgevolg komen we terecht in een belastingstelsel dat rekening houdt met de draagkracht van de belastingsplichtige. Wie een hoger inkomen verwerft moet relatief gezien ook meer belasting betalen. Het principe dat de sterkste schouders ook de zwaarste lasten moeten dragen wordt door voorstanders van de Vlaktaks uiteraard aangevallen. Publicist Jos Verhulst zegt hierover: “Het socialistische principe dat ‘de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen,’ is door en door corrupt. (…) De socialisten vinden dat wie meer verdient, niet alleen meer moet betalen, maar daar bovenop ook verhoudingsgewijs meer betalen. “Als je het beginsel dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen verlaat, ondergraaf je de beginselen van een rechtvaardige belasting,” zei Spirit-ondervoorzitter Stefan Walgraeve in De Morgen van 23 mei. “De sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen. Dat kan enkel met een progressief belastingssysteem,” aldus SP.A-fractieleidster Caroline Gennez in Knack.

Dit socialistische principe, dat zogenaamd moreel heet te zijn, is een typisch voorbeeld van moreel-zijn-op-andermans-kosten, en van valse, want met staatsgeweld afgedwongen ‘moraliteit’ (terwijl echte moraliteit per definitie enkel in vrijheid kan gedijen). Wanneer altruïstische en schoonklinkende motieven worden aangehaald om staatsinterventie te verantwoorden, is het altijd opletten geblazen.” [i]

Vanuit een liberaal oogpunt is deze kritiek perfect te begrijpen, het liberalisme erkent immers het belang van de gemeenschap niet en stelt het individu voorop, het individu dat concurreert met andere individuen. Het asociale karakter van het liberalisme komt hier al snel om de hoek kijken. Maar uiteraard wil niemand asociaal genoemd worden, dus hebben de voorstanders van de Vlaktaks een doekje voor het bloeden gevonden: heel wat Vlaktaks-profeten willen via het toepassen van de belastingvrije som – de eerste schijf van het inkomen die belastingvrij is- enige sociale rechtvaardigheid verzekeren. Niks meer dan een handig trucje om de aanvaarding van de Vlaktaks mogelijk te maken, maar dat geen enkele zekerheid biedt aan de laagste inkomens: de eenvoudige aanpassing van de tarief van de Vlaktaks en de belastingvrije som vormt dan immers het onderwerp van discussie en doelwit van de volgende liberale aanval.

In juni 2005 stelde men in een studie aan het Centrum voor Economische Studies van de K.U.L. dat bij de invoering van een vlaktaks van iets meer dan 21% zonder belastingvrije sommen, zonder aftrekposten, zonder belastingvermindering voor vervangingsinkomens, de inkomsten van de overheid weliswaar op peil zouden blijven maar dat de koopkracht van de 10% armste gezinnen met minstens 20% zou dalen! De belastingvrije som behouden kon volgens deze studie voor deze armste gezinnen hun koopkrachtverlies beperken, maar deed de overheidsinkomsten ernstig dalen. Het weekblad Trends berekende in april 2005 dat een vlaktaks van 25% en een belastingvrije som van 5000 euro per belastingsplichtig persoon de belastingopbrengst ongeveer even hoog zou zijn als met het huidige belastingsstelsel. Vooral de middenklasse zou in dat geval een gevoelig verlies van haar koopkracht zien. Bij gepensioneerden en uitkeringstrekkers zou het verlies aan koopkracht nog groter zijn. De hoge inkomens daarentegen zouden een flink inkomstenvoordeel doen. De Vlaktaks leidt volgens studies dus tot een grotere dualiteit: de rijken worden rijker, de armen worden armer en de middengroep wordt uitgedund en verdwijnt op termijn. Maar de voorstanders van de Vlaktaks zijn niet toevallig zeer dikwijls te vinden bij de hoge inkomens. De solidaristische wederkerigheid van rechten en plichten op sociaal-economisch vlak wordt hier dus verregaand ondermijnd: de sterkste schouders dragen al heel wat minder de zwaarste lasten.

Een veel gebruikt argument van de Vlaktaks-voorstanders is de vereenvoudiging en het doorzichtiger maken van het belastingssysteem. Het is juist te stellen dat het belastingssysteem zeer ingewikkeld is en een vereenvoudiging gepast zou zijn. Maar van een vereenvoudiging mag geen asociale afbraakpolitiek gemaakt worden. In die vereenvoudiging die Vlaktaks-voorstanders verkiezen zouden bijvoorbeeld heel wat aftrekposten verdwijnen zoals onkosten voor kinderoppas, pensioensparen, hypothecaire bouwleningen, dienstencheques, individuele levensverzekeringen, uitgaven voor energiebesparing,… Vooral de hoge inkomens gebruiken dergelijke aftrekposten maar dit betekent geenszins dat zij zondermeer afgeschaft kunnen worden. De vereenvoudiging zou alvast kunnen beginnen met het afschaffen van de veelvuldige zogenaamde “pestbelastingen”. Liberale voorstanders van de Vlaktaks willen via de invoering ervan de belastingsdruk op de arbeidsinkomsten verlagen. Minder belastingen betekenen automatisch minder inkomsten voor de overheid. Maar de overheidsuitgaven zullen en kunnen in de toekomst niet dalen, ondermeer als gevolg van de vergrijzende bevolking (pensioenen en gezondheidszorg). De komende 25 jaar zouden volgens het jaarrapport juni 2005 van de Studiecommissie voor de Vergrijzing de overheidsuitgaven met meer dan 3,5% van het Bruto Binnenlands Product stijgen!

Het is juist dat er een zware fiscale druk rust op de lonen. Het verlagen van de loonkosten is een stelling die in de politieke wereld opgang maakt, gepromoot vanuit liberale hoek. Ook hier moeten we stellen dat het om een vervalsing van het debat gaat. Voorstanders van de loonkost-verlaging pleiten vaak voor een verschuiving van de lasten op arbeid naar de lasten op verbruik, namelijk verhoging van de BTW en/of accijnzen. Een dergelijke verschuiving is ongewenst omdat ze opnieuw een uitholling zou betekenen van het principe dat de sterkste schouders in de volksgemeenschap ook de zwaarste lasten moeten dragen. Het is namelijk zo dat het vooral de lagere en middelgrote inkomens zijn die een relatief hoger deel van hun inkomen aan consumptie besteden. De eis tot verlaging van de loonkosten is vooral ingegeven door de gevolgen van de globaliseringspolitiek en het sinds de jaren ’80 ingezette beleid van liberaliseren van de markten. Daar moeten dan ook de mogelijke oplossingen gezocht worden: een koerswijziging, weg van het liberaliseren!

Overigens denken nogal wat voorstanders van de Vlaktaks dat wanneer de belastingdruk daalt en er een eenvoudiger belastingssysteem bestaat, de belastingsplichtigen eerder geneigd zullen zijn om al hun inkomsten aan te geven en zodoende de fraude te verlagen. Een leugen! De feiten tonen aan dat het fout is te denken dat er een verband bestaat tussen enerzijds het belastingstarief en anderzijds de fraude, of tussen enerzijds een ingewikkelde fiscale wetgeving en anderzijds fraude. Belastingen ontduiken doet men namelijk omdat men, reeds bij zichzelf de beslissing heeft genomen minder te willen betalen, waarna men naar wegen gaat zoeken om te kunnen ontduiken.

Wat kunnen we voorstellen?

1.

Opvoeren en verhogen van de effectiviteit van de strijd tegen sociale en fiscale fraude. Wie betrapt en veroordeeld wordt wegens fraude moet ondermeer zijn politieke rechten kunnen verliezen voor een periode. Wie fraudeert, steelt van de gemeenschap.

2.

Invoeren van een vermogensbelasting voor de grootste vermogens, gekoppeld aan een verbod om kapitaal over te brengen naar buiten de Europese grenzen. Hierop dienen zware straffen gezet te worden. Wie geld overbrengt naar buiten Europa, steelt van de gemeenschap.

3.

Protectionistische maatregelen op zowel Europees als Vlaams (of alle andere volkeren in Europa) niveau: afscherming van de Europese en/of Vlaamse markt voor producten die hier niet geproduceerd worden. Bedrijven die op de Europese markt verkopen, moeten ook in Europa produceren en mogen niet lijden onder concurrentievervalsing van bedrijven die produceren in landen en continenten met een zwakke sociale en ecologische wetgeving. De winst van deze Europese bedrijven zal bijgevolg kleiner zijn maar ze ondervinden niet langer concurrentie van bedrijven voor wie de lat niet even hoog ligt. De overheid kan ondertussen haar noodzakelijke inkomsten verder verkrijgen.

Het is evident, gelet op het proces van Europese eenmaking en het feit dat Europa –spijtiggenoeg niet politiek maar wel economisch ééngemaakt werd-, dat heel wat sociaal-economische maatregelen zich op het niveau van het Europese continent afspelen, en op het niveau van de Europese beschavingsgemeenschap in deze moeten genomen worden. Niet toevallig zijn de voorstanders van ondermeer de Vlaktaks vaak in het kamp te vinden van de tegenstanders van een sociaal Europa dat volkeren tegen elkaar wil uitspelen, overgoten met een Atlantistische saus. De Europese volkeren hebben en/of streven naar een zelfde niveau van sociale en ecologische bescherming. Dit niveau kan mits de politieke wil op een Europese consensus berusten, die verschilt van wat in het Verre Oosten geldt of wat in de Angelsaksische wereld wordt verkozen. Dat neemt niet weg dat ook in deze problematiek het subsidiariteitsprincipe moet gelden. Het zou onverstandig zijn als solidaristen om nog te redeneren in 19de eeuwse termen als natiestaat en nationaal belang ten koste of ten gunste van bepaalde Europese buurvolkeren, waarbij de natiestaten als instrumenten van het groot-kapitaal tegen elkaar opgezet worden. Niet toevallig pleiten libertaire voorstanders van het wilde kapitalisme voor kleine en zwakke overheden in een politiek niet ééngemaakt Europa van kleine volkeren om zo de kapitalistische economie vrijspel te geven.[ii] Tegenover het mondiale roofdierkapitalisme dat individualisme centraal stelt, moet het Europese volkssolidarisme geplaatst worden dat de sociale waardigheid en rechtvaardigheid voor alle volkeren van Europa garandeert. Dit betekent geenszins dat we akkoord kunnen gaan met de huidige EU-moloch die eveneens ten dienste staat van het groot-kapitaal en ondermeer het subsidiariteitsprincipe duidelijk niet erkent.

[i] VERHULST, Jos, De staat is geen Robin Hood. http://www.brusselsjournal.com/node/25

[ii] HOPPE, Hans-Hermann, Over centralisering en afscheiding. http://www.secessie.nu/pdf/20-3.pdf

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

 
%d bloggers liken dit: