Nieuw-Solidaristisch Alternatief!

Het identitair en revolutionair verzet! – Weg van de Wetstraat, op naar de Volksstaat!

Posts Tagged ‘freud’

De hedendaagse anti-nationalistische invloed van het neomarxisme en de Frankfurter Schule

Posted by drietand op 21 oktober, 2007

1. Ontstaan van de neomarxistische Frankfurter Schule:

De Frankfurter Schule bestond uit een groep –veelal joodse- marxistische sociologen, filosofen en psychologen die voor de Tweede wereldoorlog uit Duitsland weggetrokken waren en na de val van het Derde Rijk terugkeerden naar Duitsland. De Frankfurter Schule heeft een zeer belangrijk aandeel in de theoretische grondslag van de ontbindings- en ontaardingsverschijnselen die zich in de huidige Westerse wereld voordoen. Marxistische intellectuelen hadden in 1923 in Frankfurt het Institut für Sozialforschung opgericht, grotendeels betaald met het geld van de joodse miljonairszoon Felix Weil. Directeur werd de in Roemenië geboren jood Carl Grünberg, de eerste marxist die in Duitsland een leerstoel aan een universiteit kreeg. Het Instituut onderhield nauwe contacten met het Marx-Engels Instituut in Moskou. Bijna alle medewerkers waren lid van de Duitse kommunistische partij. In 1930 kwam de jood Max Horkheimer aan het hoofd van Instituut. Onder zijn invloed werd de marxistische leer voor de proletarische revolutie bijgesteld en werd de leer van Freud gepolitiseerd en tot middel in de klassenstrijd gemaakt. De nationaal-socialisten sloten in 1933 het instituut wegens staatsvijandige activiteiten. Het kapitaal van het instituut verhuisde voorlopig naar Nederland en de activiteiten werden in het buitenland verder gezet.

In 1934 veranderde het instituut van naam, het werd het ‘Institute of Social Research’ en kreeg plaats aan de Columbia-universiteit in New York, waar het op ruime steun van de joden kon rekenen. In die periode spreekt men niet langer van “marxistische theorie” maar voortaan van de verhullende term “Kritische Theorie”. In New York werden naast het voorbereiden van de terugkeer naar Duitsland ook plannen gemaakt om de Duitsers te “heropvoeden”. In 1946 keert het instituut op verzoek van de universiteit van Frankfurt terug naar Duitsland. Vertegenwoordigers kregen belangrijke functies aan Duitse universiteiten. Vanaf dan kon het mollenwerk goed van start gaan.

2. De voornaamste namen van de Frankfurter Schule:

Max Horkheimer (1895-1973): Joodse afkomst, zoon van rijke textielfabrikant, studeerde filosofie en sociologie, heropende in 1949 z’n oude instituut en werd rector van de Goethe-universiteit in Frankfurt.

Friedrich Pollock (1894-1970): Joodse afkomst, zoon van een handelaar, studeerde politiek en economie, werd in 1949 hoogleraar economie in Frankfurt na te zijn teruggekeerd uit de VS waar hij in ’34 naartoe vluchtte.

Theodor Adorno (1903-1969): Joodse afkomst, studeerde filosofie en sociologie, na terugkeer uit de VS werd hij in ’49 hoogleraar sociologie te Frankfurt. Had met z’n marxistische sociologie en ethiek grote invloed verworven op de muitende studenten van 1968 maar viel later bij velen van hen in ongenade omdat hij geweld bleef afwijzen.

Herbert Marcuse (1898-1979): Joodse afkomst, studeerde literatuurgeschiedenis, economie en filosofie. Was vanaf 1942 professor aan een aantal VS-universiteiten, na de oorlog aan enkele Duitse. Ook hij gold als één van de idolen van de Mei’68-muiters maar viel eveneens in ongenade wegens het afwijzen van fysiek geweld. In latere geschriften herriep hij gedeelten van z’n visies en leer.

Leo Löwenthal (1900-1993): Joodse afkomst, studeerde filosofie en sociologie, trok in ’34 naar de VS en werd in ’56 hoogleraar aan de Berkeley-universiteit.

Jürgen Habermas (1929): studeerde filosofie, geschiedenis, economie, literatuur. Was van ’64 tot ’70 hoogleraar in de filosofie te Frankfurt waar hij Horkheimer was opgevolgd. Oefende grote invloed uit op de muiters van Mei’68, maar werd later door hen ook afgewezen omdat men hem inconsequent vond: hij had namelijk geen concrete aanwijzingen voor een revolutie. In 1970 werd hij directeur van het Max Planck-instituut en in 1990 betreurde (!!!) hij de Duitse hereniging.

Erich Fromm (1900-1980): Joodse afkomst, was psychoanalyticus van de school van Freud, marxist en cultuurpsycholoog. Hij introduceerde de leer van Freud in de “Kritische Theorie”. Gaf vanaf ‘32 les in de VS en vestigde zich in 1965 in Zwitserland waar hij geen contacten meer onderhield met de Frankfurter Schule.

Alexander Mitscherlich (1908-1982): psychoanalyticus, was vanaf 1967 professor te Frankfurt, medeverantwoordelijk voor het belang van psychoanalyse in het “nieuw-linkse” denken.

Ernst Bloch (1885-1977): Joodse afkomst, studeerde filosofie, muziek en fysica. Was lid van de KPD en emigreerde naar de VS in de jaren ’30. Werd in 1949 hoogleraar filosofie in Leipzig. Hij verbond marxistische visies met de joods-christelijke “eindverwachting” en oefende met deze utopische voorstelling grote invloed uit op jonge protestantse theologen.

Wolfgang Abendroth (1906-1983): was lid van de KPD, studeerde rechten, ging in 1946 naar de oostelijke zone van Duitsland en werd professor te Leipzig. Keerde in 1948 terug naar de BRD en oefende als professor politieke wetenschappen te Marburg grote invloed uit op de muiters van Mei’68.

3. Schade die de Frankfurter Schule aanrichtte in de samenleving:

De schade die de theoretici van de Frankfurter Schule hebben aangericht aan de Westerse samenlevingen in de tweede helft van de 20ste eeuw valt nauwelijks te onderschatten. Hun denken en geschriften hebben honderden wetenschappers en filosofen in het Westen beïnvloed, sinds de jaren ’60 heeft hun denken zich genesteld aan de meeste westerse universiteiten. Nog steeds grijpen professoren aan onze universiteiten –vaak onopvallend voor de studenten- terug naar hun visies. Op die manier werden en worden ganse generaties studenten onder een vernislaagje neomarxistische praat bijgebracht. De Frankfurter Schule heeft ook uitdrukkelijk invloed verkregen via de media. Dit werd zelfs uitdrukkelijk door hen als één van de doelen vooropgesteld! Zo stelde professor Jürgen Habermas dat de studenten de “Grenze des Aktionsspielraumes” onder ogen moesten zien en met invloedrijke groepen dienden samen te werken die de toegang tot de massamedia hadden. Dat links sinds de jaren ’60 er in geslaagd is een vernietigende “mars door de instellingen” te plegen, niet in het minst in onderwijs en media, is ondertussen genoegzaam bekend.

Maar de schijn-humanitaire eisen die door de Frankfurter Schule voorop gesteld werden, ging bewust gepaard met een beïnvloeding van het woordgebruik en de woordkeuze. Zo stelde Marcuse bijvoorbeeld –conform Stalin- in 1942: “So scheinen denn ‘Nazis’ und ‘Nazismus’ die angemessenste Begriffe zu sein.” De term “nationaal-socialisme” werd voortaan beter niet meer gebruikt. En zeg nu zelf lezer, hoeveel “rechtsen” spreken er hedentendage niet over de “nazi’s”? Een voorbeeld van hoe effectief de linkse ondermijning werkt(e). Algemeen kan men stellen dat de Frankfurter Schule in zeer belangrijke mate heeft bijgedragen tot de ruïnering van tradities, psychoterreur, verwaarlozing van de hygiëne bij jongeren, stijgende jeugdcriminaliteit, gebrek en afbraak van gevoel voor de natuurlijke orde, buitenlandse (vnl. Engelse) invloed op de taal, kunstontaarding, uitdrukkelijk subjectief geschiedenisonderwijs met grote aandacht voor conflictsituaties zoals revoluties, positieve ingesteldheid tav massa-immigratie, binnenhalen van de “Coca-Cola en McDonaldscultuur”… De Frankfurter Schule heeft ook een belangrijk aandeel in het sinds de jaren ’90 sterk komen opzetten van de politieke correctheid. Doel was het zelfstandig kritisch denken uit te schakelen en te vervangen door (al dan niet geïndoctrineerde) voorstellingen die berusten op het klassieke gelijkheidsdogma. Meer dan ooit werden vreemdelingen, homo’s, dieren, vrouwen,… als het nieuwe proletariaat voorgesteld. Tegen rechtsen werd de “Faschismuskeule” geslingerd of de “Auschwitzknüppel” toegepast. Over het veel grotere aantal slachtoffers van het communisme dan van het nationalisme werd gezwegen, of de misdaden van het communisme werden vakkundig in het Stalin-hoekje geduwd.

De anti-autoritaire opvoeding van de jeugd leidde tot wantrouwen jegens en afwijzing van ouderen. Leerkrachten werden en worden getutoyeerd. Pas langzaam begonnen enkele opvoeders, onderwijsmensen, psychologen,… in te zien dat de natuurlijke rangorde noodzakelijk is en dat de “Reform” ondeugdelijk was. De functie van het gezin als laatste bolwerk van de traditionele samenleving was de Frankfurter Schule een doorn in het oog. Ook dit overblijfsel van het reactionaire burgerdom met z’n totalitaire opvoedingspraktijken diende vernietigd te worden. Om de autoritaire prestatiemaatschappij te ondermijnen moest immers aangevangen worden met de opvoeding. Het niveau van het onderwijs daalde. Eén van de gevolgen van het gelijkheidsdogma was het nastreven van een overdreven vrouwenemancipatie (zie: wetten en voorstellen die inhouden dat er minstens evenveel vrouwen als mannen in een parlement moeten zetelen, ongeacht bekwaamheid). De voor haar kinderen zorgende huisvrouw werd “altmodisch” verklaard. Gevolg: steeds meer als enkeling levende volwassenen en het schrikbarende daling van het aantal geboorten.

Alle mensen zouden gelijk geboren zijn, een theorie die in strijd is met de erfelijkheidsleer. Resultaten van het erfelijkheidsonderzoek of onderzoek naar etnische verschillen en oorzaken werden als taboe verklaard. Genetica werd gedegradeerd, alle rassen zouden voortaan “gelijk” zijn. Natuurwetenschappers hadden kritiek, zoals de bekende prof H.J. Eysenck die schreef: “Een politicus die realistisch handelen wil, moet voor alles iets over erfelijkheid weten.” Het negeren van de resultaten van natuurwetenschappelijk onderzoek kon in de communistische landen dan ook enkel met onderdrukking in stand gehouden worden.

De psychoanalyse van Freud, die zelf nooit had gedacht aan politisering ervan, werd aangepast. Dit gebeurde in belangrijke mate door de jood Wilhelm Reich die de “sexökonomische Lehre” ontwikkelde die het zich “seksueel uitleven” propageerde, wat een rechtstreekse aanval op het traditionele gezin betekende. In 1939 trok Reich naar de VS waar hij later werd veroordeeld wegens pedofilie en stierf aan syfilis. De huidige linkse regeringen in Europa doen niks liever dan homo’s laten huwen en hen in de nabije toekomst wellicht kinderen laten adopteren.

Een andere schadelijke uitwerking van de Frankfurter Schule is de vernietiging van het volksbewustzijn. “Volk” en “samenleving” werden gaandeweg vervangen door “individu” en “maatschappij”. Kinderen van het eigen volk kregen in toenemende mate vreemde namen, dikwijls Engelse. Gastarbeiders werden aanzien als medeburgers. Waarschuwingen of bedenkingen bij de toevloed van vreemdelingen konden en kunnen worden afgedaan als “racisme”. Enkel door het ontbinden en miskennen van natuurlijke gemeenschappen zoals volk en familie, wordt het mogelijk een “nieuwe maatschappij” te creëren die voor neomarxistische intellectuelen beheersbaar wordt. Aanhangers van “nieuw-linkse” visies kennen geen binding met vaderland, bodem of culturele traditie. Hij kent geen verplichtingen tegenover het milieu, geen “Heimatliefde”. Het begrip “heimat” werd als een romantische dwaling afgedaan en de band met bloed en bodem werd als een bloedschande band voorgesteld. Bijgevolg is er ook geen motivatie tot een daadwerkelijk ecologisch denken, en een echte milieubescherming. Vandaar dat de huidige groene partijen in hun regeringsdeelname bitter weinig doen voor het milieu maar des te meer linkse visies uitwerken m.b.t. mens en “maatschappij”. Meermaals werd de Frankfurter Schule door natuurwetenschappers er op gewezen dat ze natuurvreemd was en dat het marxisme een valse ideologie was. Het neomarxisme van de Frankfurter Schule zag de natuur enkel als een gebruiksvoorwerp, net zoals Marx en zijn volgelingen geen binding hadden met de natuur.

4. Belang voor huidige generaties jongeren:

Ook al heeft de invloed van het neomarxisme en de Frankfurter Schule veel van haar pluimen verloren, toch blijft vooral aan onze middelbare scholen, hogescholen en universiteiten een belangrijke, niet te verwaarlozen invloed ervan aanwezig. Dagelijks krijgen studenten vaak onopvallend neomarxistische visies en benaderingswijzen voorgeschoteld. Nog steeds worden studenten en scholieren wijsgemaakt dat alle mensen gelijk en uitwisselbaar zijn, nog steeds verschillen tussen culturen en rassen miskent, het bestaan van volkeren in vraag gesteld,… Vooral studenten in de zogenaamde menswetenschappen ondergaan deze invloeden. Anti-Vlaamsnationale boeken als ‘Het klauwen van de leeuw’ van ons aller Marc Reynebeau werd reeds als verplichte lectuur aan eerstejaars studenten opgedrongen, neomarxistische anti-identitaire auteurs als Eric Hobsbawm worden opgehemeld. We kunnen vaststellen hoe in het middelbaar onderwijs gaandeweg het vak geschiedenis gedegradeerd wordt en geschiedenisbewustzijn vernietigd wordt. In de plaats komt dan “wereldoriëntatie”, ondersteund door nieuw-linkse publicaties zoals ‘Mondiaal Magazine’ die aan de leerkrachten aangeraden worden.

Ook het klimaat van politieke correctheid dat in de jaren ’90 sterk kwam opzetten, heeft in belangrijke mate een nieuw-linkse achtergrond. In 1986 orakelde de Frankfurter Schule bij monde van Jürgen Habermas dat er officiële maatregelen dienden genomen te worden tegen de Duitse professor Ernst Nolte naar aanleiding van de zogenaamde ‘Historikerstreit’, die een ander licht wierp op de Duitse kampen. Tot daar het “vrije onderzoek”. Rudolf Kosiek verwoordde het zo: “In plaats van onderzoek zonder vooroordelen en met moderne openheid, verdedigt de Frankfurter School verouderde vooroordelen, verdraait met dogma’s de horizon van haar aanhangers en tracht met brutale politieke machtsmethodes i.p.v. met wetenschappelijk overtuigingswerk, haar eenzijdige ideologie door te drukken.” Nog steeds worden in bijvoorbeeld de communicatiewetenschappen neomarxistische verklaringsmodellen gehanteerd, nog steeds worden in de sociologie theoretici en inzichten die tegen de neomarxistische doctrine ingaan vergeten of geminimaliseerd (zoals bijvoorbeeld Ferdinand Tönnies), nog steeds worden verklaringen voor maatschappelijke kwesties vaak uitsluitend in de sociaal-economische sfeer gezocht.

Scholieren en studenten in de menswetenschappen dienen steeds de leerstof niet louter te blokken voor het examen, maar ook in vraag te stellen, leerstof is nooit objectief! Leerkrachten, professoren, lectoren, assistenten geven niet steeds een correct beeld over een onderwerp, laten bepaalde inzichten bewust weg,… Het gaat overigens niet alleen over de leerstof. Ook bepaalde structuren aan hogescholen en universiteiten zijn door nieuw-linkse inzichten tot stand gekomen. Aan de universiteiten werden studentenraden en studentenvertegenwoordigers in het bestuur van de universiteiten ingevoerd. Dit is ondertussen uitgebreid naar zowat het ganse onderwijs, zelfs tot in de lagere niveaus van het basisonderwijs bestaan er reeds leerlingenraden. Nieuw-linkse agitatoren nestelden zich daarenboven in zogenaamde “nieuwe sociale bewegingen” (Oxfam-wereldwinkeliers, 11.11.11, Amnesty International, Vluchtelingen Aktie Komitee,…) die ondermeer in het onderwijs een invloed op het leerprogramma hebben en in de media als heiligen behandeld worden.

Bronnen:

Kosiek, R., De Frankfurter School. In: Dietsland-Europa, 38ste jg., nov. 1993, pp.35-39
Meerbosch, J., De Frankfurter Schule en de Duitse politiek. In: TeKoS, 21ste jg., nr. 105, 2002, pp.27-31
Stalmans, J., Kort onderzoek naar de uitzaaiingen van de “Mei’68”-kanker. In: Dietsland-Europa, 38ste jg., nov. 1993, pp.40-44

Fritz

Advertenties

Posted in Uncategorized | Getagged: , , , , , | Leave a Comment »